
Bij Egmond aan Zee gestrande witsnuitdolfijn in revalidatie
NieuwsEgmond aan Zee/ Heiloo - Op zondagavond 3 mei merkten wandelaars een gestrande dolfijn op. Stichting SOS Dolfijn werd ingeschakeld om het dier in leven te houden.
De witsnuitdolfijn heeft een stompe snuit. Ze komen veelal voor in het noorden van de Atlantische Oceaan, en in de Noordzee. De dolfijn wordt tussen de 2,5 en 3 meter lang en kunnen tussen de 180 en 360 kg wegen. De soort wordt gekenmerkt door hun stompe snuit, sikkelvormige rugvin en de witte kleuring waaraan de soort zijn naam heeft te danken. Volgens de stichting SOS dolfijn is het vrij zeldzaam dat ze aanspoelen. In Kijkduin spoelde er zeven jaar geleden een witsnuitdolfijn aan. In september vorig jaar 2025 werd er een dode dolfijn gevonden in Zeeland. Het is inmiddels 15 jaar geleden dat er een witsnuitdolfijn werd opgevangen door de stichting.
Niet terug het water in
Nadat hij met vereende krachten uit de branding het strand was opgetrokken, werd de Egmondse witsnuit eerst met natte doeken koel gehouden. Daarna is het dier overgebracht naar de opvang in Anna Paulowna. Op het eerste gezicht leek er niets aan de hand, maar een dolfijn spoelt niet zomaar aan. Veel mensen willen in zulke gevallen het dier terug in zee duwen. Maar dat is juist niet de bedoeling, zo vertelt Jeroen Hoekendijk, woordvoerder van SOS Dolfijn. Dolfijnen en andere walvisachtigen zijn gewichtloos in het water. Zodra zij stranden krijgt de zwaartekracht vat op hen en kan er spier- en orgaanschade ontstaan. “Als je ze dan terugduwt, kunnen ze niet meer zwemmen en verdrinken ze”, legt Jeroen uit. Er is altijd revalidatie nodig.
Revalidatie
De Egmondse dolfijn is dus nu aan het revalideren. Na een eerste onderzoek zondagnacht bleek dat het gaat om een volwassen mannetje van 237 cm lang met een geschat gewicht van 150 kg. Aangezien de stichting meestal bruinvissen opvangt is het nogal aanpoten; een witsnuitdolfijn is ongeveer 3 keer zo groot als de gemiddelde bruinvis. Aan de buitenkant van dit dier waren geen verwondingen waar te nemen en ook bloedonderzoek wees geen afwijkende waarden aan. Er zal verder onderzoek gedaan moeten worden naar onderliggende problemen, zoals bijvoorbeeld infectie. In afwachting van die onderzoeken moet de witsnuit minimaal 24 uur in een bassin verblijven. Met vier mensen is de dolfijn vanaf aankomst in de opvang ondersteund om het blaasgat boven water te houden omdat hij vrij apatisch was. Gelukkig ontstonden er op een gegeven moment al wat zwembewegingen. “Nu wordt hij nog maar door 1 persoon omhooggehouden,” vertelt Jeroen tevreden, zoals te zien is op de door de stichting aangeleverde video. “Een revalidatie duurt normaliter enkele maanden,” gaat hij verder. De duur van het verblijf in de opvang is afhankelijk van de uitkomst van verder onderzoek. Hopelijk kan de witsnuitdolfijn na zijn revalidatie weer terug worden gebracht naar de Noordzee, maar dat is dus nog even afwachten.
Tekst: L. Macdonald