J en J (1)

Josta de Graaf-Gieltjes kwam letterlijk mijn leven in gefietst. In De Beun, om precies te zijn, terwijl ik driftig aan het signeren was. Met sommige mensen raak je gemakkelijk aan de praat en dat was nu ook het geval. Tijd dus om de tompoucen tevoorschijn te halen en op huisbezoek te gaan. 

Gezeten in haar prachtige woonkamer (indeling: deels literair, deels archeologisch, deels documentair) noemt Josta zichzelf een optimist. ‘Dat leer je niet,’ zegt ze, ‘maar ik denk dat ik zo geboren ben.´

Ze streek in 1963 vanuit Gouda neer in Heiloo in de Bergeonstraat. Daar ontmoette ze ook man Jaap (‘Een leuke overbuurjongen die me meevroeg naar zijn hbs-schoolfeest’). 

Op haar zestiende werd ze van school gestuurd. Niet vanwege onkunde of luiheid, maar puur vanuit desinteresse. De lessen boeiden haar niet. Later haalde ze via het volwassenonderwijs alsnog de schade in (‘Ik zeg vaak tegen jongelui: “Het kan altijd nog!”’). 

Daarna volgde een tsunami aan werk: ziekenhuis Alkmaar, detailhandel, boekhandel Deutekom en docente Nederlands. Plus vrijwilligerswerk in de sport, politiek, de omroep en met heel veel genoegen en overgave de Historische Vereniging Heiloo. Josta zegt daarover: ‘Het is extra fijn dat Jaap en ik samen kunnen werken. Niets is echt moeilijk. En als het moeilijk dreigt te worden, moet je actie ondernemen!'

Bij boekhandel Deutekom beleefde je overigens altijd wel wat. ‘Zo kwam er steevast een koper over de vloer voor wie ik een nieuwe aanschaf altijd eerst moest “ontspinnen”. Daar had ik een heel eigen manier voor dus dat deed ik dan.’

Volgend jaar zijn Josta en Jaap 60 jaar getrouwd en gaat de hele familie naar Parijs. Daarnaast stapelen de projecten voor de Historische Vereniging zich op. ‘Er broeit van alles voor de komende tijd,’ klinkt het geheimzinnig. Mooi zo. Ik ben benieuwd wat die twee voor ons gaan ‘ontspinnen’.