De vier broers De Haan op 'kruistocht'
De vier broers De Haan op 'kruistocht' Foto: Dorien de Haan

De broers de Haan, in 1994 Elfstedentocht geschaatst

20 jan, 11:31 DeTochtderTochten

HEILOO - De komende weken lees je op onze website herinneringen van Heilooërs aan het fenomeen Elfstedentocht. Dit keer is het woord aan de broers de Haan die in 1994 met zijn vieren de tocht hebben geschaatst.

De broers Mart, John, Cees en Dick de Haan uit Heiloo schaatsten in 1994 met zijn vieren de Elfstedentocht. Een knappe prestatie, want in dit jaar kwam ‘maar’ 43% van alle deelnemers binnen de tijdslimiet over de finish. Bij de broers was er absoluut geen twijfel of ze het wel zouden halen, ondanks de knieblessure van Dick. Het viertal was namelijk enorm goed getraind. Dick, Mart en Cees zaten op de Limmer IJsclub, John op de Berger IJsclub. Dus schaatservaring genoeg! Onder andere in de 22 dorpentocht over 125 kilometer en de vele rondjes bij ijsbaan De Meent. Zodra er natuurijs lag deden ze samen tochten op het Limmer Overdie!

We spreken met Dick de Haan, die vol trots terugblikt op deze bijzondere prestatie. “De nacht van tevoren sliepen we in een appartement van studenten. Ik weet nog goed we de hele nacht een raar geluid hoorden. We lagen er wakker van. De volgende ochtend zagen we dat het een hamster was die in zo’n rad heen en weer ging. Hadden we dat eerder geweten... Het was een zware tocht. De eerste veertig kilometer gingen prima, maar op het Slotermeer was het echt aardedonker. Opeens lagen we met zijn zevenen plat op het ijs. Later bleek dat er een schots van zeven centimeter boven het ijs uitstak... Dat maak je bij ijsbaan De Meent niet mee,” lacht Dick. Tussen de steden door was het afzien. Maar als je de stad in kwam werd je op handen gedragen door het publiek. Dan kreeg je weer een boost. Het Friese volk heeft mij erdoorheen getrokken. Ik kwam net voor donker binnen en had er 9,5 uur over gedaan. We hebben niet samen gereden want we hebben verschillende starttijden. Het is ook niet handig om samen te rijden, dan heeft de één weer een losse schaats en dan moet de ander weer plassen. Je schaatst zo’n tocht steeds met een ander groepje mensen. Het was toen ook nog even zoeken welke kant we op moesten. Maar uiteindelijk vonden we het goede spoor en konden we weer verder met deze schitterende tocht.”

“Mocht er nog een Elfstedentocht komen dan moet het snel zijn,” lacht hun dochter Dorien. “De mannen worden ook een dagje ouder. Maar als je het ze op de man af vraagt zullen ze allemaal zeggen dat ze zeker meedoen!”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief